"Fiscale advocatuur is ook een tactische strijd: wij hebben de kennis en ervaring om te beslissen welke stappen leiden naar succes."

Prejudiciële procedure bij de Hoge Raad

Het voeren van een procedure bij de belastingrechter is een vak apart. In ons inmiddels 26-jarige bestaan hebben wij veel kennis en ervaring opgedaan in procedures bij de rechtbanken, gerechtshoven en de Hoge Raad. 

Met ingang van 1 januari 2016 voorziet de AWR in de mogelijkheid voor rechtbanken en gerechtshoven om aan de Belastingkamer van de Hoge Raad prejudiciële vragen te stellen. Een bijzondere procedure die de nodige kennis van het procesrecht en tactiek vereist. Inmiddels zijn de eerste vragen aan de Hoge Raad gesteld. 

Voorwaarden

Voor het stellen van prejudiciële vragen is allereest vereist dat een rechtsvraag aan de orde is die moet worden beantwoord om het geschil te kunnen beslechten. De rechtsvraag moet bovendien (potentieel) in een groot aantal vergelijkbare gevallen spelen en maatschappelijke relevantie bezitten. Het is van belang te weten dat u als belastingplichtige kunt verzoeken om vragen te stellen. 

Procedure bij de feitenrechter

De rechter die overweegt vragen te stellen zal partijen in de gelegenheid moeten stellen zich uit te laten over dit voornemen en te reageren op de (concept)vragen. 

Daarna volgt een tussenuitspraak (‘tussenvonnis’) van de rechter waarin de prejudiciële vragen worden gesteld. Behalve de vraag (of vragen) worden in het tussenvonnis ook het onderwerp van het geschil en de door de rechter vastgestelde feiten en standpunten van partijen vermeld. Het is dus van groot belang om als belastingplichtige een volledige uiteenzetting van standpunten te geven en er voor te zorgen dat er duidelijkheid over de relevante feiten bestaat. De procedure bij de rechtbank (of gerechtshof) wordt vervolgens geschorst. 

Procedure bij de Hoge Raad

Het tussenvonnis wordt daarna door de Hoge Raad gepubliceerd op zijn website. Wanneer de Hoge Raad de vraag in behandeling neemt, kan zij de processtukken opvragen bij de vragende rechter. Vervolgens krijgen partijen zes weken de tijd om schriftelijke opmerkingen in te dienen. Net als in de gewone cassatieprocedure, kan een advocaat-generaal een conclusie schrijven. Wij verwachten dat dit vrijwel altijd het geval zijn, omdat het nieuwe rechtsvragen betreft die bovendien een groot aantal gevallen raken. 

Nieuw is dat de Hoge Raad bepaalde personen of organisaties kan uitnodigen om hun inbreng te leveren. Ook kan hij een algemene uitnodiging op de website publiceren. Vervolgens krijgt u als belastingplichtige de gelegenheid om te reageren op de schriftelijke opmerkingen van de wederpartij (Staatssecretaris) en de eventueel door derden ingediende opmerkingen. 

Tenslotte kan de Hoge Raad – ambtshalve of op verzoek van partijen – de partijen de gelegenheid geven om een schriftelijke of mondelinge toelichting te geven. Derden die hun inbreng hebben geleverd, krijgen deze gelegenheid niet. Wel zou de Hoge Raad kunnen besluiten om deze derden uit te nodigen om in een afzonderlijke zitting te worden gehoord. Partijen kunnen daar dan ook bij aanwezig zijn en reageren op de naar voren gebrachte standpunten. 

Het is daarna aan de Hoge Raad om de prejudiciële vraag te beantwoorden. De vragende rechter (rechtbank of gerechtshof) zal vervolgens de procespartijen in de gelegenheid stellen om op de uitspraak van de Hoge Raad te reageren en uiteindelijk tot een uitspraak moeten komen met inachtneming van de antwoorden van de Hoge Raad. 

De prejudiciële procedure kent vele facetten en vereist een diepgaande kennis van en ervaring met het procesrecht. Hertoghs advocaten heeft geruime ervaring met het voeren van fiscale procedures. Heeft u vragen over deze procedure of wilt u van gedachten wisselen over de mogelijkheden van deze procedure in uw zaak, neem dan contact op met Angelique Perdaems.