"In de wirwar van wetten en procedures vind ik het juiste spoor voor mijn cliŽnt. Ik houd overzicht en koers op succes."

Toenemende handelsconflicten: oorsprong van goederen van groot belang

Bij invoer van goederen in de Europese Unie (EU) spelen verschillende heffingen een rol. Zo is in nagenoeg alle gevallen btw bij invoer verschuldigd. Daarnaast worden zogenoemde douanerechten geheven, op basis van de indeling van de goederen in de gecombineerde nomenclatuur (GN) en het daarbij behorende tarief. Ook de oorsprong van een goed speelt een belangrijke rol bij de hoogte van het douanetarief. Voor bepaalde producten is, afhankelijk van de oorsprong van de goederen, bij invoer in de EU een (aanzienlijk) lager of juist een (aanzienlijk) hoger douanetarief van toepassing. Een sprekend voorbeeld is de heffing van aanvullende douanerechten die de EU enige tijd geleden heeft ingevoerd voor bepaalde producten van oorsprong uit de VS, als reactie op de eerder door de VS ingestelde tariefverhoging voor de invoer van bepaalde staal- en aluminiumproducten met EU-oorsprong[1].

Een (aanzienlijk) lager of hoger douanetarief leidt vervolgens tot een lager c.q. hoger bedrag aan omzetbelasting bij invoer, omdat de douanerechten onderdeel uitmaken van de maatstaf van heffing voor de btw[2].

De oorsprong van een goed kan ook tot een hogere heffing leiden in de vorm van een antidumpingrecht. Deze heffingen zijn vaak fors en worden meestal uitgedrukt in een (hoog) percentage van de douanewaarde voor specifieke goederen uit bepaalde landen (te denken valt bijvoorbeeld aan de invoer van zonnepanelen uit China). Vanwege de vaak forse antidumpingheffingen waarmee de importeur wordt geconfronteerd, is het van groot belang om (in een bezwaarprocedure tegen de navordering) te onderzoeken of de goederen überhaupt onder de antidumpingverordening vallen, gelet op de door de douane toegepaste tariefindeling en oorsprong.

In het douanerecht wordt veelvuldig geprocedeerd over de oorsprong van goederen. Nog los van de oorsprong zelf, staat dan geregeld de vraag centraal in hoeverre een importeur moet vertrouwen op een certificaat van oorsprong dat is afgegeven door de douaneautoriteiten van het land van uitvoer.

Oorsprong nader gedefinieerd

Afgezien van alle douanetermen en beschouwingen, wordt met de oorsprong van een goed bedoeld: "daar waar de goederen zijn geproduceerd/gemaakt". Voor de oorsprong is het dus niet relevant vanuit welk land de goederen naar de EU worden vervoerd. Vaak is het minder eenvoudig te bepalen waar een goed is geproduceerd dan het op het eerste gezicht lijkt. Dat wordt ingegeven door het feit dat in veel gevallen meerdere landen zijn betrokken bij de productie van goederen. In de douaneregelgeving zijn nadere, vaak ingewikkelde, regels opgenomen op welke manier de oorsprong dan moet worden vastgesteld.

Preferentiële oorsprong versus niet-preferentiële oorsprong

In de regelgeving wordt onderscheid gemaakt tussen de zogenoemde preferentiële oorsprong en de niet-preferentiële oorsprong. Het belang van de preferentiële oorsprong is gelegen in de toepassing van een verlaagd (preferentieel) tarief bij invoer. De EU heeft met een groot aantal (groepen van) landen overeenkomsten gesloten, waarin wordt bepaald dat goederen van oorsprong uit die landen met een verlaagd tarief in de EU kunnen worden ingevoerd. Een preferentieel tarief kan ook van toepassing zijn zonder het bestaan van een dergelijke overeenkomst. De EU heeft dan eenzijdig bepaald dat voor goederen, van oorsprong uit bepaalde landen, een gunstig - verlaagd - tarief bij invoer geldt.

De niet-preferentiële oorsprong is van belang voor het al dan niet toepassen van handelspolitieke maatregelen. Te denken valt aan de heffing van aanvullende douanerechten (zoals momenteel op bepaalde producten uit de VS), antidumpingrechten, handelsembargo's, tariefquota, enzovoort. De niet-preferentiële oorsprongregels vinden hun basis in het Douanewetboek van de Unie (DWU) [3]. In de praktijk leidt het vaststellen van de oorsprong met name tot discussie indien meerdere landen bij de productie betrokken zijn geweest.

Bewijzen van preferentiële oorsprong

De toepassing van het preferentieel douanetarief zal bij invoer door de importeur moeten worden aangetoond. Dit vindt van oudsher plaats door middel van oorsprongscertificaten die door de autoriteiten van het land van uitvoer worden afgegeven aan de exporteur. Inmiddels komt in meerdere regelingen en overeenkomsten tot uitdrukking dat de autoriteiten van uitvoer niet langer certificaten uitgeven, maar zogenoemde “geregistreerde exporteurs’ verklaringen afgeven omtrent de oorsprong (‘attesten van oorsprong’).

Beroep op het vertrouwensbeginsel

In de praktijk wordt de importeur dikwijls geconfronteerd met een forse navordering van douanerechten. Daaraan ligt dan geregeld een eigen onderzoek of een onderzoek door OLAF[4] ten grondslag waaruit blijkt dat een certificaat van oorsprong ten onrechte is afgegeven of vals is. Toch kunnen er in de praktijk, afhankelijk van de feiten en omstandigheden, (goede) argumenten zijn om de navordering van de importeur te goeder trouw te bestrijden[5]. Het is dan ook van essentieel belang om inzage te krijgen in alle stukken die aan de conclusies van de douane ten grondslag liggen.

Tenslotte

De regelgeving op het gebied van het douanerecht is complex. Dat geldt zeker ook voor de regels omtrent de oorsprong van goederen. Omdat de douanetarieven – naargelang de oorsprong van een goed – aanzienlijk kunnen verschillen, wordt in het douanerecht  veelvuldig geprocedeerd over de oorsprong van goederen. Een goede kennis van het materiële douanerecht en het (douane-)procesrecht is dan van essentieel belang.

 

 

[1] Uitvoeringsverordening (EU) 2018/886 van de Commissie van 20 juni 2018

[2] Artikel 19, lid 2, onder a Wet op de omzetbelasting 1968

[3] Artikel 60 DWU (Verordening (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en van de Raad van 9 oktober 2013 tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie)

[5] Zie in dit verband artikel 119 DWU op grond waarvan terugbetaling van douanerechten dient plaats te vinden indien sprake is van een vergissing van de douaneautoriteiten en de schuldenaar deze vergissing redelijkerwijze niet had kunnen ontdekken.

Naar overzicht

Heeft u vragen of wilt u reageren?

Stuur uw vraag of opmerking via onderstaand contactformulier. U krijgt dan zo spoedig mogelijk een antwoord of we nemen contact met u op.

Volledige naam *
E-mailadres *
Telefoonnummer *
Onderwerp nieuwsbrief
Bericht *
Waar heeft u een vraag over?
 
 

Vind artikelen over...

Hertoghs Beschouwt ontvangen?

{{messageError}}
{{messageSuccess}}