ďIk vecht voor mijn cliŽnt met vlijmscherpe pleidooien."

Krijgt mediation ook in fiscale strafzaken een kans?

Na een succesvolle pilotfase in de periode 2013 tot en met 2016 wordt mediation steeds vaker ingezet in het commune strafrecht. Uit cijfers blijkt dat mediation het meest wordt ingezet in zaken betreffende geweldpleging, vernieling, bedreiging en diefstal. Verder is mediation in strafzaken erg succesvol. In 2017 slaagde 76,5 procent van alle gestarte mediations.[1] In navolging op het regeerakkoord heeft minister Dekker op 11 juli 2018 een brief aan de Tweede Kamer aangeboden over de bevordering van mediation als geschiloplossing in het strafrecht.[2] In 2018 is 1 miljoen euro beschikbaar gesteld voor mediation in het strafrecht en de minister is voornemens het budget structureel beschikbaar te stellen.

Hoewel mediation in het strafrecht tot op heden voornamelijk in het commune strafrecht wordt toegepast, kan mediation ook geschikt zijn als buitengerechtelijke geschiloplossing in fiscale strafzaken.

Fiscale strafzaken worden veelal gekenmerkt door een verscheidenheid aan geschilpunten met diverse partijen vanuit de overheid. Naast de strafrechtelijke verdenking, is doorgaans een fiscaal onderzoek gaande waarbij verschillende heffingsaspecten, de invordering en bestuurdersaansprakelijkheid aan de orde kunnen komen. Verder speelt ook andere bestuurlijke handhaving een rol, zoals Bibob-kwesties. In het huidige speelveld wordt door  betrokken partijen zoals OM en Belastingdienst waar mogelijk samengewerkt; wel is een ieder vooral gericht op zijn eigen `speelterrein’. Welke kaarten de diverse overheden in hun zak hebben is vaak onduidelijk en om te voorkomen dat onnodig water bij de wijn wordt gedaan, wordt door de verdediging in fiscale strafzaken vaak terughoudend opgetreden. Voor een verdachte belastingplichtige reden om een beroep op het zwijgrecht te doen en zo zuinig mogelijk medewerking te verlenen. Partijen ‘graven zich van beide kanten in’ en vertraging is het gevolg. Een dergelijke processtrategie wordt in de hand gewerkt door de huidige situatie en verhoudingen, omdat alle partijen willen voorkomen dat hun openheid hun later tegen wordt geworpen. Het is de vraag of - afgezien van het OM en de fiscus - ook de belastingplichtige (en verdachte) altijd gebaat is bij deze strategie.

Mediation kan - met name in de meer complexe fiscale strafzaken waarbij een groot aantal juridische punten ter discussie staat - een goede manier zijn om deze impasse te doorbreken.

Wanneer  in een vroeg stadium wordt gezocht naar de gemeenschappelijke delers en wordt bezien of overeenstemming bestaat over een gedeelte van het geschil, kunnen onnodige procedures worden voorkomen.

Bij mediation staan openheid en vertrouwelijkheid voorop. Een mediator treedt in een zogenaamde caucus in een vertrouwelijk gesprek met alle partijen apart. Op deze wijze kan de mediator samen met alle partijen afzonderlijk de mogelijkheden voor een geschiloplossing aftasten, zonder dat de andere partijen van deze verkenningen op de hoogte raken. Het gevolg hiervan is dat partijen vrijer zijn de verschillende mogelijkheden te bespreken, zonder het risico te lopen daar later mee te worden geconfronteerd. Hierbij moet worden opgemerkt dat de vertrouwelijkheid niet ‘goudgarant’ is. Wanneer een mediator zou worden opgeroepen als getuige in een strafzaak, komt een mediator geen verschoningsrecht toe. De vertrouwelijke setting van de gesprekken kunnen de partijen wel enige comfort bieden.

Een voorwaarde voor een geslaagde mediation is uiteraard dat de aangewezen mediator onafhankelijk en onpartijdig is. Dit uitgangspunt  brengt met zich mee dat het in beginsel de voorkeur zal hebben dat de mediator geen onderdeel uitmaakt van het Openbaar Ministerie dan wel de Belastingdienst.

Een verkenning met de mediator en de partijen afzonderlijk vindt bij voorkeur plaats in een vroeg stadium van de zaak, zodat op zoek kan worden gegaan naar de gemeenschappelijke delers. Indien blijkt dat op onderdelen consensus bestaat, kan over deze onderdelen een vaststellingsovereenkomst worden gesloten.

Belangrijk is dat mediation de strafrechtelijke procedure bij een rechter niet hoeft te vervangen.

Indien een vaststellingsovereenkomst is gesloten met betrekking tot de belastingheffing, kan deze fiscale vaststellingsovereenkomst in de strafprocedure worden ingebracht zodat de strafrechter rekening kan houden met de gesloten overeenkomst. Tevens hoeft mediation niet per definitie de eindoplossing te zijn. Mediation kan ook worden toegepast ten aanzien van onderdelen van een zaak en zo als smeermiddel dienen om het proces te vergemakkelijken.

Onlangs is tijdens een themamiddag van de Vereniging voor Fiscale Mediation (VFM) door vertegenwoordigers van het OM, Belastingdienst en advocatuur gesproken over de mogelijkheden van de inzet van mediation in fiscale strafzaken. Alle partijen uitten zich positief over de toepassing van mediation. Een verslag van deze middag verschijnt binnenkort in het Weekblad Fiscaal Recht.

Wij hopen van harte dat de positieve ervaringen en de kennis zoals opgedaan met mediation in het commune strafrecht tevens wordt ingezet ten behoeve van de buitengerechtelijke afdoening van fiscale strafzaken.

 

[1] Mediation in strafzaken, infoblad 3, juni 2018, te raadplegen op www.rechtspraak.nl.

[2] Kamerstukken II 2017-18, 34 775 VI, nr. 115.

Naar overzicht

Heeft u vragen of wilt u reageren?

Stuur uw vraag of opmerking via onderstaand contactformulier. U krijgt dan zo spoedig mogelijk een antwoord of we nemen contact met u op.

Volledige naam *
E-mailadres *
Telefoonnummer *
Onderwerp nieuwsbrief
Bericht *
Waar heeft u een vraag over?
 
 

Vind artikelen over...

Hertoghs Beschouwt ontvangen?

{{messageError}}
{{messageSuccess}}