"In de wirwar van wetten en procedures vind ik het juiste spoor voor mijn cliŽnt. Ik houd overzicht en koers op succes."

Douane-expediteurs opgelet: grote risico's aansprakelijkheid douanerechten

Recent heeft de Hoge Raad een arrest gewezen dat voor douane-expediteurs verstrekkende gevolgen kan hebben voor de verschuldigdheid van douanerechten. Het gaat dan om de situatie waarin achteraf blijkt dat de expediteur niet bevoegd was om als direct vertegenwoordiger op te treden. Hij wordt dan zelf gezien als de douaneschuldenaar en draait alsnog op voor de verschuldigde douanerechten.

 

Douaneschuldenaar

Omdat het doen van een invoeraangifte vaak niet eenvoudig is, kiezen de meeste importeurs ervoor om de invoeraangiften uit te besteden aan bedrijven die daarin zijn gespecialiseerd, zogenoemde douane-expediteurs. De douane-expediteur treedt vervolgens op als direct vertegenwoordiger van de importeur. Daarmee voorkomt de expediteur dat hij zelf douaneschuldenaar wordt en aansprakelijk is voor de verschuldigdheid van douanerechten.

Uitgangspunt in het douanerecht is namelijk dat de “aangever” wordt aangemerkt als de douaneschuldenaar en aldus bij invoer de douanerechten is verschuldigd. De aangever is de persoon die in eigen naam een douaneaangifte indient, dan wel de persoon namens wie deze aangifte wordt ingediend (1). Als gebruik wordt gemaakt van “directe douanevertegenwoordiging” dan dient de douanevertegenwoordiger (lees: de douane-expediteur) de aangifte op naam en voor rekening van zijn opdrachtgever in (vaak: de importeur). De douane-expediteur zal dan richting de douane moeten verklaren dat hij als direct vertegenwoordiger optreedt. De douane kan vervolgens vragen om het bewijs van de vertegenwoordigingsbevoegdheid te leveren. Mocht blijken dat de douane-expediteur niet vertegenwoordigingsbevoegd is, dan wordt hij geacht in eigen naam en voor eigen rekening te handelen (2).

Uitgangpunt is derhalve dat de douane-expediteur die als direct vertegenwoordiger optreedt niet aansprakelijk is voor de verschuldigde douanerechten. 

 

Arrest Hoge Raad

Uit een recent arrest van de Hoge Raad (3) blijkt dat het van groot belang is dat de douane-expediteur – ter voorkoming van douaneclaims – (zorgvuldig) onderzoekt of hij bevoegd is om namens een importeur als direct vertegenwoordiger op te treden. Weliswaar zag dit arrest nog op Europese douanebepalingen geldend tot 1 mei 2016, maar die bepalingen komen (grotendeels) overheen met de huidige douanebepalingen in het Douanewetboek van de Unie.

In de zaak waarin de Hoge Raad dit arrest wees is sprake van een importeur, X BV, met twee bestuurders (C BV en D BV) aan het roer. Vaststaat dat de bestuurders uitsluitend gezamenlijk bevoegd zijn om namens X BV op te treden en dat B uitsluitend bevoegd is om namens D BV te handelen. In het onderhavige geval heeft douane-expediteur, A CV, aangiften ten invoer gedaan en op elk aangifteformulier verklaard op te treden op naam en voor rekening van X BV. A CV heeft aan de douane een “overeenkomst voor het optreden als direct vertegenwoordiger” overgelegd. De overeenkomst vermeldt als vertegenwoordigde X BV en is (enkel) ondertekend door B.

Het Gerechtshof Amsterdam (4) oordeelde dat douane-expediteur A CV de belanghebbende X BV rechtsgeldig als “direct vertegenwoordiger” heeft vertegenwoordigd en dat X BV derhalve terecht als aangever en dus douaneschuldenaar is aangemerkt. Volgens het Hof volgde namelijk uit de ondertekening van de machtiging door B dat X BV op de hoogte was van de machtiging. Bovendien had A CV steeds – in overeenstemming met de overeenkomst – aangiften in naam van X BV gedaan en had laatstgenoemde steeds de facturen van A CV voldaan waarbij (telkens) de aangiftegegevens waren gevoegd.

De Hoge Raad kiest een andere koers. Om te kunnen beoordelen of douane-expediteur A CV de belanghebbende X BV bevoegd heeft vertegenwoordigd als direct vertegenwoordiger moet de daarvoor benodigde betrokkenheid van de andere bestuurder van X BV, die de overeenkomst niet heeft ondertekend, blijken. Dat kan:

  • als blijkt dat die andere bestuurder voorafgaand aan het doen van de aangifte heeft ingestemd met het verlenen van de volmacht, of;
  • doordat de andere bestuurder de overeenkomst nadien alsnog bekrachtigt, of;
  • doordat beide bestuurders de in naam van X B.V. gedane douaneaangiften richting de douane bekrachtigen.

 

Nu uit de feiten niet blijkt dat (één van) deze situaties zich heeft voorgedaan, heeft A CV de importeur X BV derhalve onbevoegd vertegenwoordigd.

De Hoge Raad concludeert dan ook dat A CV als douane-expediteur bij het doen van de douaneaangiften heeft gehandeld in eigen naam en voor eigen rekening. Dit betekent dat A CV en niet de importeur (X BV) de douaneschuldenaar op grond van de douanewetgeving is.

 

Gevolgen voor de praktijk

Een arrest met verstrekkende gevolgen, met name voor de douane-expediteur. Wellicht dat de douane-expediteur in de onderhavige casus nog het geluk had dat de navorderingstermijn inmiddels was verstreken. Dat laat onverlet dat douane-expediteurs er verstandig aan doen zorgvuldig te onderzoeken of de aan hen verleende volmacht om een importeur direct te vertegenwoordigen rechtsgeldig is verleend.

 

 

 

  1. Artikel 5, lid 15, Vo. (EU) nr. 952/2013 van het Europees Parlement en van de Raad van 9 oktober 2013 tot vaststelling van het douanewetboek van de Unie (DWU).

  2. Artikel 18 en 19 DWU

  3. ECLI:NL:HR:2018:1314

  4. ECLI:NL:GHAMS:2016:2623

 

 

 

Naar overzicht

Heeft u vragen of wilt u reageren?

Stuur uw vraag of opmerking via onderstaand contactformulier. U krijgt dan zo spoedig mogelijk een antwoord of we nemen contact met u op.

Volledige naam *
E-mailadres *
Telefoonnummer *
Onderwerp nieuwsbrief
Bericht *
Waar heeft u een vraag over?
 
 

Vind artikelen over...

Hertoghs Beschouwt ontvangen?

{{messageError}}
{{messageSuccess}}