"Er is veel specialistische kennis in huis. Deze kennis delen en doelgericht inzetten ten behoeve van de cliŽnt, daar zijn onze advocaten goed in!"

# 167 Hoge Raad: rechtsbescherming is ook belangrijk

De arresten van de Hoge Raad maken een vast onderdeel uit van de wekelijkse studie van de vakliteratuur. Tijdens onze vaklunch bespreken wij hoe een arrest kan worden uitgelegd en welke mogelijkheden wij zien voor onze praktijk. Arresten waarin de Hoge Raad nieuwe rechtsregels formuleert, verdienen extra aandacht omdat deze direct moeten worden toegepast in lopende procedures. In deze arresten voert de Hoge Raad zijn rechtsvormende taak uit. De laatste jaren is de Hoge Raad zich steeds meer gaan richten op rechtsvorming, bijvoorbeeld door het wijzen van overzichtsarresten, zoals het arrest over de inzage in het digitale tijdperk. In het jaarverslag over het jaar 2019 benadrukt de Hoge Raad dat de rechtsbescherming niet op de tweede plaats staat. Om de arresten van de Hoge Raad goed te kunnen plaatsen en toepassen, is het nuttig de terugblik onder de loep te nemen die de Hoge Raad zelf geeft over het jaar 2019.

Jaarverslag Hoge Raad 2019

Volgens vaste traditie blikt de Hoge Raad terug op het afgelopen jaar, in dit geval 2019.[1] Ons cassatieteam volgt de ontwikkelingen bij de Hoge Raad op de voet en geeft ook dit jaar weer een overzicht van de highlights uit het jaarverslag op fiscaal en strafrechtelijk gebied. Als hoogste rechter richt de Hoge Raad zich op drie kerntaken, namelijk het bevorderen van rechtsontwikkeling en van rechtseenheid én het bieden van rechtsbescherming.

Signalen aan de wetgever

Rechtsontwikkeling neemt daarbij een prominente plaats in. Dat blijkt ook uit het feit dat de Hoge Raad zich in zijn arresten soms direct richt tot de wetgever. In 2019 deed de strafkamer dat in een arrest waarin de vraag centraal stond of de rechter beeldmateriaal dat hij niet op de zitting zelf had bekeken voor het bewijs mag gebruiken.[2] In afwachting van de nieuwe regeling in het Wetboek van Strafvordering heeft de Hoge Raad in dit arrest uiteengezet wat de huidige regeling wel en niet mogelijk maakt. Daarbij heeft de Hoge Raad ook aandacht gevraagd voor ontwerpen die van belang kunnen zijn bij het ontwerpen van de nieuwe regeling.

Ook de fiscale kamer gaf een signaal aan de wetgever in een arrest over de box 3-heffing.[3] Aan de orde was de vraag of het forfaitaire rendement van 4% voor de jaren 2013 en 2014 in strijd was met het eigendomsrecht van artikel 1 van Protocol 1 EVRM. Via Twitter nodigde de Hoge Raad alle belangstellenden uit om aanwezig te zijn voor deze principiële uitspraak. De Hoge Raad constateerde dat de heffing in box 3 niet meer in redelijke verhouding staat tot het rendement dat daadwerkelijk kan worden behaald. Dit probleem op stelselniveau kan echter alleen worden aangepakt door de wetgever, aldus de Hoge Raad.

De Hoge Raad als onderdeel van de samenleving

Naast communicatie met de wetgever, probeerde de Hoge Raad op verschillende manieren ook het contact met de samenleving te zoeken. Naast voorlichtingsfilmpjes, persberichten en tweets, werd in 2019 ‘De kleine Hoge Raad voor dummies’ gepubliceerd. In dit boek legt president Maarten Feteris op een toegankelijke manier uit wat de werkzaamheden zijn van de Hoge Raad.

Verder ziet de Hoge Raad het als maatschappelijke taak om belangrijke arresten toegankelijk te maken. Daarom werden aan het eind van het jaar de eerste 150 arresten uit de oude doos gepubliceerd. Onderdeel van deze selectie waren onder meer het De Auditu-arrest van de strafkamer en het Cessna-arrest van de fiscale kamer.

Meten is weten

Een jaarverslag zou een jaarverslag niet zijn zonder een aantal kerncijfers over het jaar 2019. De belastingkamer heeft 773 uitspraken gedaan en in 15,7% daarvan is de hofuitspraak vernietigd. De strafkamer heeft in 2436 zaken waarin cassatiemiddelen zijn ingediend uitspraak gedaan en in 14,2% daarvan is de hofuitspraak vernietigd. Deze percentages kunnen de indruk wekken dat een cassatieprocedure zinloos is. Onze ervaring is gelukkig anders. Door middel van een quick scan of een cassatie-advies gaan wij eerst na of wij kans van slagen zien bij de Hoge Raad.

De redelijke termijn en de tipgever: arresten uitgelicht

Naast de gebruikelijke cijfers over instroom, uitstroom en doorstroom, is met name interessant welke arresten de Hoge Raad expliciet benoemt. Zowel op fiscaal gebied als op het strafrechtelijk terrein heeft de Hoge Raad een aantal arresten geselecteerd die van bijzonder belang zijn geweest voor de rechtsontwikkeling.

De belastingkamer noemt het arrest in de tipgeverszaak.[4] In het jaar 2019 wees de Hoge Raad voor de tweede keer arrest in deze zaak en vernietigde de hofuitspraak waarin de aanslagen waren vernietigd. Het is nu aan het Hof Amsterdam om over de zaak te oordelen, al is er na twee cassatieprocedures niet veel ruimte meer over.

Een belangwekkend arrest van de strafkamer van de Hoge Raad volgde naar aanleiding van cassatie in het belang der wet, ingesteld door de procureur-generaal.[5] De P-G stelde onder meer de vraag aan de orde of een overschrijding van de redelijke termijn een reden kan zijn de strafzaak te beëindigen. In de praktijk zien wij dat fraudezaken soms jarenlang duren, terwijl een verdachte op grond van artikel 6 EVRM het recht heeft op een behandeling van zijn zaak binnen een redelijke termijn. In lijn met de conclusie van A-G Knigge, refereerde de Hoge Raad aan zijn vaste jurisprudentie dat een overschrijding van de redelijke termijn nooit de niet-ontvankelijkheid van het OM tot gevolg kan hebben. Vanwege het verstrekkende gevolg van het beëindigen van de zaak, oordeelt de Hoge Raad dat een dergelijke overschrijding ook niet kan leiden tot het einde van de zaak op grond van artikel 36 Sv (oud). Wat ons betreft is dit een gemiste kans om de verdachte een mogelijkheid te geven een rechter te laten oordelen over de vraag of er een einde moet komen aan de vervolging als een zaak onredelijk lang voortsleept.

Meer rechtsbescherming

De Hoge Raad laat zien signalen uit de praktijk op te pakken. Expliciet wordt benoemd dat de zorg bestaat dat de focus op rechtsontwikkeling ten koste gaat van individuele rechtsbescherming. In het jaarverslag wordt een aantal arresten genoemd waarin de Hoge Raad oog heeft voor individuele rechtsbescherming. Wij roepen de Hoge Raad op die ingezette lijn in 2020 te laten zien door arresten te motiveren en minder zaken met toepassing van artikel 81 Wet RO of 80a Wet RO af te doen.

 

 


[2] HR 24 september 2019, ECLI:NL:HR:2019:1414.

[3] HR 14 juni 2019, ECLI:NL:HR:2019:816.

[4] HR 8 november 2019, ECLI:NL:HR:2019:1715.

[5] HR 1 oktober 2019, ECLI:NL:HR:2019:1472.

Naar overzicht

Heeft u vragen of wilt u reageren?

Stuur uw vraag of opmerking via onderstaand contactformulier. U krijgt dan zo spoedig mogelijk een antwoord of we nemen contact met u op.

Volledige naam *
E-mailadres *
Telefoonnummer *
Onderwerp nieuwsbrief
Bericht *
Waar heeft u een vraag over?
 
 

Vind artikelen over...

Hertoghs Beschouwt ontvangen?

{{messageError}}
{{messageSuccess}}